dinsdag 29 juli 2014

J(olig) III

Driftig dans je in mijn lijf
en bemin ik je
als ware je de ware
als de gevel van mijn huis van liefde
ook al sta je binnen

ik tast naar je gezicht 
ook al ben je daar, ver weg
te ver om jou te weven in mijn vel

vast denk je dat ik zeg wat je het liefste horen wilt,
dat ik vanop afstand op je zieltje mik
of dat ik enkel ben verkikkerd op je dijen

want vaak ben ik thuis de vreemde
jouw tweewekelijkse hijger aan de kin

toch fluister ik van je verwijderd: blijf
en laat me zijn jouw pendelende prooi
want nergens wil ik liever zijn

dan in deze deelstaat, jij

(S.C.)