woensdag 22 juli 2015

Anatomie (van de weerzin) (II)

ik ben geboren zonder vleugels
zonder zomer
noch lichtblauw

het kind in mij vergrijst me
en bouwt zandkastelen in mijn mond

ik braak ze op de jurken uit van
schonen, schonen die de avond moeten zijn

ik noem ze schatje
met de buik vol ijzeren vlinders

(S.C.)